Afdrukken
Schaapskooi/schaapherder met hond omstreeks 1900  
b herder
Herder met hond aan de horizon Deelen.
(Rond 1900 telde Deelen ca.15 schaapskooien .)

De landgoedeigenaren lieten op de heide de schapen grazen. Vanwege de schapenteelt, die toen van groot economisch belang was, werd er na 1664 nauwelijks heide ontgonnen. In 1649 werd er door de stadsmagistraat bepaald dat alle stukken clandestien ontgonnen gronden met wallen (wildwallen) moesten worden omgeven.
Veel wildwallen langs wegen en heide, stammen uit die tijd en zijn nog steeds goed zichtbaar. Indrukwekkend is het als men zich realiseert, hoeveel werk er destijds is verzet om de soms kilometerslange wallen met primitieve gereedschappen op te werpen.
Vanaf het einde van de 18e eeuw werd onder invloed van nieuwe idee├źn over de landbouw en onder druk van de economische omstandigheden een begin gemaakt met het ontginnen van de woeste en onvruchtbare gronden. Veel gronden kwamen in bezit van particulieren deze werd van de gemeente Arnhem gekocht voor fl. 6,=/bunder (1825). De eerste aankoop werd gedaan door de eigenaar van Sonsbeek H.J.C.J. van Heeckeren van Enghuizen en betrof het landgoed de "Waterberg".
Dit werd het begin van grootschalige ontginningen. De heidevelden en zandgronden werden beplant met voornamelijk grove den.
In 1846 kocht de toenmalig eigenaar van Warnsborn ( C.H. de Bruijn) de heide velden ten noorden van Arnhem. Hij had reeds het recht van schaapsdrift aldaar. Dat is het recht om daar de schapen te laten graze